Roos Rebergen: 'Roosbeef kan festivalpodia makkelijk aan'
Het album Omdat ik dat wil van Roosbeef is alweer een tijdje uit en Nederland heeft al volop van live-optredens kunnen genieten. In België ligt de plaat echter net in de schappen en daar zijn de reacties, net als in Nederland, erg enthousiast. ‘De Belgen vinden onze muziek minder opvallend, ze begrijpen het beter.’
Tekst: Jozien Wijkhuijs Foto’s: Tim Ficheroux
De hond van Roos Rebergen (24) springt enthousiast tegen de deur op en belaagt direct de fotograaf. ‘Dit is Bert, hij is homo’, zegt Rebergen, zangeres van de band Roosbeef, om te vervolgen met de vraag ‘jullie zijn toch niet bang voor honden? Samen met drummer Tim van Oosten en Bert woont de zangeres pal naast station Overvecht in Utrecht. In de woonkamer staat een grote bar en trots laat Rebergen haar volledig uitgeruste oefenruimte zien. De rommel doet denken aan de gemiddelde studentenkamer. ‘Ik heb niet opgeruimd’, zegt Rebergen terwijl ze een theepot met bloemetjespatroon vult en Bastogne-koeken uitdeelt. Roosbeefs album Omdat ik dat wil kwam in september 2011 uit en werd, net als het eerste album, geproduceerd door Zita Swoon-zanger Tom Pintens. Hoewel de plaat lovend werd ontvangen, worden de nummers nauwelijks op de radio gedraaid. Er kwam wel een tour, zowel in theaters als op andere podia. Inmiddels is Rebergen weer voorzichtig aan het schrijven voor een nieuwe plaat, maakte ze onlangs muziek voor een animatiefilm en probeert ze gitaar te leren spelen. ‘Ik heb vandaag het boekje Gitaar spelen voor Dummies gekocht, want ik kan het eigenlijk niet zo goed. Ik zit altijd zo vast aan mijn piano, met die gitaar kan ik op een andere manier liedjes schrijven.’ Momenteel maakt ze de sprong naar onze zuiderburen, waar de band dit jaar veel wil spelen. De plaat is daar net uit en wordt vooralsnog goed ontvangen. ‘We hebben daar nu een aantal keer gespeeld. Ik zing ook in het achtergrondkoortje van Het Zesde Metaal, dat is de band van Wannes, die tot voor kort ook in Roosbeef speelde. Met die band spelen we soms dubbelshows.’ Het Zesde Metaal is in België aan een flinke opmars bezig en Roosbeef lift deels mee op dit succes. ‘Hij noemt af en toe onze naam, dus dat is fijn. We hebben nu ook een boeker die erg enthousiast is en pas stond er een groot interview in De Morgen.´ Ook de Belgische radio kreeg lucht van de band uit Nederland en inmiddels wordt Roosbeef veelvuldig gedraaid op de Vlaamse ether. De aanvragen voor shows druppelen naar aanleiding daarvan langzaam binnen. ‘In Nederland is die link er minder en kun je ook veel optreden als je niet op de radio wordt gedraaid. Nederlandse radiostations krijgen vaak de reactie dat onze muziek opvallend is. In België vinden ze dat minder, ze begrijpen het beter.’
Wisselende bassisten
De liefde voor Nederland is echter nog lang niet over, ook niet nu Roosbeef in België succes boekt. ‘Ik ben nog steeds heel blij met het Nederlandse publiek en we zijn hier ook veel verder dan in het buitenland. Het gemis aan radio-aandacht is volgens Rebergen hoogstens jammer. ‘Het zou leuk zijn als er op de Nederlandse radio ruimte was voor allerlei verschillende soorten muziek. Als ik ’s ochtends een half uur naar de radio luister, voel ik me daarna helemaal leeg. Radio 3fm probeert het vaak nog wel, maar als de reacties dan tegenvallen geven ook zij het op, al zeggen sommige dj’s dat ze onze muziek heel tof vinden. ’
Roosbeef onstond in het Gelderse Duiven. Reinier van den Haak, tevens de zanger van Krach, woonde in hetzelfde dorp en Tim van Oosten kwam uit het naastgelegen Westervoort. Het bleek lastiger om een bassist te vinden, de band heeft er meerdere versleten. ‘We kregen steeds problemen met onze bassisten, het klopte steeds net niet. Ik weet niet precies hoe dat komt, misschien zijn het andere types.’ Wannes Cappelle, volgens de website van Roosbeef ‘multi-instrumentalist’, verliet onlangs de groep en wordt vervangen door de eveneens Vlaamse Tijs Delbeke. Rebergen hoopt met deze groep verder te kunnen op het nieuwe album. ‘Het is een geweldige groep. Iedereen heeft echter zijn eigen projecten, dus ik hoop dat het gaat lukken om met z’n allen verder te gaan.’
Kinderstemmetje Rebergen staat bekend om haar unieke manier van zingen en de cryptische teksten die ze voor Roosbeef schrijft. de Volkskrant schreef over Omdat ik dat wil: ‘Het breekbare kinderstemmetje van Rebergen is natuurlijk gebleven, en daar moet je wel tegen kunnen. (...) maar op een dromerig onderwegliedje als Nachtauto ('Dwaal je overdag net zo?'), dat wordt omgeven door een bijna spookachtig aura, is Rebergen net zo sterk in de wat zwaardere poëtische metaforen.’ De houding die ze in haar muziek en op het podium aanneemt is volgens Rebergen zelf een overdreven versie van haar persoonlijkheid. ‘Ik ben dezelfde persoon, maar ik vergroot het wat uit.’ De roes en het dromerige geluid is voor haar geen staat die ze op moet roepen om het liedje te kunnen spelen. ‘Als het geschreven is, is het geschreven. Je moet het met aandacht kunnen spelen en zingen.’ Voor de teksten combineert Rebergen haar eigen gevoel met dingen die ze in het dagelijks leven ziet. Het is voor haar een vorm van communicatie met de wereld om haar heen. ‘Liedjes schrijven is makkelijker dan met iemand praten. Je kunt dingen mooier maken of een beetje liegen. Ik leen dingen uit mijn omgeving om mijn eigen gevoel duidelijk te maken.’ In de recensies en besprekingen van Omdat ik dat wil stond ook constant de onvermijdelijke frase ‘Roosbeef is volwassen geworden.’ Rebergen vindt dit een dooddoener: ‘Ik was eerst achttien en nu ben ik vierentwintig, het zou raar zijn als ik precies dezelfde was gebleven. Volwassen worden klinkt ook als een eindpunt, alsof we er al zijn. Ik ben geen voorstander van het woord, maar mensen mogen het natuurlijk noemen zoals ze willen.’ Een nieuw album zou dan mogelijk ook weer geheel anders klinken, al is Rebergen daar op dit moment nog niet uit. Voorlopig blijft ze voornamelijk bezig met verschillende projecten in België en het prille begin van nieuw werk. Stiekem bestaat er bij haar de hoop dat Roosbeef een aantal festivalpodia mag beklimmen. ‘Men lijkt te denken dat wij niet zo’n festivalband zijn en er worden vooral veilige keuzes gemaakt bij het boeken. Ik denk echter dat we het makkelijk aankunnen.’
