Hoogleraren schrijven niet over beschuit

Twee dagen geleden berichtte ANS over de uitkomsten van een onderzoek naar de nevenwerkzaamheden van Nederlandse hoogleraren, uitgevoerd door De Onderzoeksredactie. Uit het onderzoek blijkt dat van de in totaal 5800 hoogleraren, ruim 80 procent er nevenactiviteiten op nahoudt. Eenderde van die activiteiten wordt door hoogleraren niet gemeld. In nrc.next doet Marcel Metze, hoofdredacteur van De Onderzoeksredactie, een boekje open over deze schrijnende constatering.

Metze stelt samen met Casper Thomas, redacteur van De Groene Amsterdammer, het blad waarin het onderzoek geplaatst wordt, dat er in Nederland sprake is van een schaduwuniversiteit. 'Ons onderzoek bevestigt dat de wetenschapsagenda in veel gevallen niet alleen meer wordt bepaald door de nieuwsgierigheid van de vrije onderzoeker, maar mede door partijen die hun eigen belangen vooropstellen.' Volgens Metze en Thomas is openheid van levensbelang. Het komt nog te vaak voor dat bijzonder hoogleraren, die niet bij de universiteit in dienst zijn, een hoeveelheid aan nevenactiviteiten hebben met een commercieel belang. De onderzoekers vinden dit kwalijk, aangezien aan hoogleraren en bijzonder hoogleraren vaak dezelfde academische waarde wordt gekoppeld. Ook Gerard Meijer, voorzitter van het College van Bestuur van de RU, zegt geschrokken te zijn van de uitkomsten van het onderzoek.

Metze en Thomas zijn daarom van mening dat ook parttime onderzoekers (bijzonder hoogleraren) slechts onderzoek moeten doen naar onderwerpen die een algemeen belang dienen. 'Onderzoek naar de knapperigheid van beschuit, een van de voorbeelden uit ons onderzoek, hoort daar niet bij.'